
Dametjes bij de kassa
vrijdag 20.03.2009Het was gisteren bij de supermarkt. Terwijl ik aan het einde van de lopende band wacht tot mijn brood en mango-sinaasappelsap binnen handbereik zijn, spot mijn ooghoek een dametje. Ja, een dametje. Zo’n dame op weg naar op leeftijd zijn in sjiek uitziende kleding. Goed, ze koopt tulpen bij de supermarkt, dus met dat vermogen zal het wel meevallen. Het gaat immers om de indruk. Die doet zelfs een “joehoe” door de winkel. Niet hard, net hoorbaar. Iedereen negeert haar – of hoort haar niet, daar ben ik niet achter gekomen. Terwijl mijn boodschappen met een druk op de groene JA ook echt van mij zijn, staat het dametje opeens bij mijn kassa. De mevrouw die de lopende band op weg naar de kassa aan het vullen is vanuit haar karretje, kijkt vreemd. De cassière probeert zich te redden door aan de ladende mevrouw te vragen of het dametje voor mag, ze heeft slechts een bosje tulpen. De ladende mevrouw vindt het goed. Dat het dametje (on)bewust asociaal gedrag vertoonde, was mij duidelijk. Dat ze zelf de drang had om het te verergeren met dom geleuter, verbaasde me. Wat ze zei? “Oh, ik dacht dat er iemand tussenuit was gelopen, er was een leeg stukje op de band.”
